Groene Constitutie

Heden ten dage is het hebben van een ‘groene agenda’ niet meer exclusief voorbehouden aan een select gezelschap zweverige wereldverbeteraars, maar dient ieder zichzelf respecterend politiek denker in staat te zijn een coherente visie met betrekking tot dit onderwerp te formuleren.

Politieke partijen aan de linkerzijde van het politieke spectrum voelen zich echter nog altijd veel comfortabeler bij dit onderwerp dan die aan de rechterzijde. Enerzijds is dit natuurlijk volkomen begrijpelijk, omdat de tendens bij hieraan gerelateerde vraagstukken over het algemeen niet gericht is op de vraag óf de bevoegdheden van de staat en de controle over het leven van particulieren moet worden vergroot ten behoeve van het verhelpen van natuur en milieuproblematiek, maar op welke manier. Bij iedere klassiek-liberaal of conservatief brengt zoiets een afkeurende Pavlov-reactie teweeg. Maakbaarheidsidealen zijn ons over het algemeen vreemd.

Toch is het de vraag of deze weerzin tegen iedere vorm van overheidsingrijpen terecht is, en geheel en al in lijn met de liberale traditie.
Een belangrijk concept in deze discussie is het zogenaamde schadebeginsel. Dit beginsel, voor het eerst in zijn volledigheid uitgewerkt door de Engelse filosoof John Stuart Mill in zijn werk On Liberty, stelt dat overheidsingrijpen slechts gerechtvaardigd is wanneer men anderen door zijn handelen schaadt. Dit beginsel dient nog steeds als leidraad voor veel liberale denkers, en is in veel gevallen redelijk eenvoudig toepasbaar. Een dief berokkent de beroofde schade, en dus is overheidsingrijpen gerechtvaardigd. De moeilijkheid zit hem echter in de reikwijdte van de ‘schade’ waarover wordt gesproken. Is objectiviteit mogelijk bij het vaststellen van schade? Valt ‘emotionele schade’ hier ook onder, of alleen reële schade? Zo kan men nog wel even doorgaan. Wat Mill en andere liberale denkers echter onderscheidt van veel linkse ideologen, is dat zij uitgaan van schade aan de mens, niet aan de natuur. Met andere woorden: het toebrengen van schade aan de natuur is alleen reden tot overheidsingrijpen wanneer dit direct schade aan de mens tot gevolg heeft.
Het schadebeginsel lijkt een goede waarborg voor de individuele vrijheid van de burger. Maar is het dat eigenlijk wel? Schaadt men een ander pas, wanneer een gebied onbewoonbaar wordt door de slechte luchtkwaliteit, of een stuk land onvruchtbaar door de slechte grondkwaliteit? Of is er al sprake van schade wanneer het uitzicht van de buurman bedorven wordt door het verwoesten van de omringende natuur, wat de waarde van zijn huis zou kunnen doen kelderen? Als het aan veel linkse lieden ligt, is de beleving van schade (subjectief) zelfs al genoeg, en legitimeert het emotionele discomfort dat de buurman ondervindt van de omgezaagde boom om de hoek al overheidsingrijpen. Maar zelfs al houdt men het bij ‘objectieve’, non-emotionele schade, dan nog is schade een zeer rekbaar begrip. En iedere voorvechter van een kleine staat weet hoe gevaarlijk rekbare begrippen zijn.

De geschiedenis heeft ons geleerd dat de enige weg voor het beperken van het uitstrekken van de tentakels van de staat, de enige manier om haar centralisatie en controledrift te beteugelen, is door middel van een constitutie. De bestaande constituties zijn echter nog onvoldoende aangepast op de snel groeiende mogelijkheid tot klimaatbeheersing en -verwoesting door menselijke hand. De meeste zijn geschreven in tijden waarin de hoeveelheid menselijke broeikasgassen nog te verwaarlozen was, de populatie een fractie van de huidige en buiten de stedelijke gebieden nauwelijks sprake was van industrialisatie. Het is dan ook zeer gebruikelijk dat groene elementen over het algemeen niet in veel constituties te vinden zijn. En wanneer zaken niet voorkomen in een constitutie, zijn er twee mogelijke consequenties:

1. Milieu- en natuurproblematiek wordt volkomen genegeerd. Dit was de aanvankelijke en de huidige houding van veel politici, bijvoorbeeld in grote delen van Afrika.
2. Het gebrek aan vermelding wordt opgevat als een volmacht voor de meest draconische natuur- en milieumaatregelen. Deze opvatting is steeds meer bonton bij politici in West-Europa en de Verenigde Staten.

Beide scenario’s zijn bijzonder onwenselijk. Enerzijds is er het reële gevaar dat onze leefomgeving en kwaliteit drastisch gaan dalen, anderzijds moeten wij het reële gevaar onder ogen zien dat de volledige ondergeschiktheid van individuele vrijheid aan de Kerk van het Ecologisme onvermijdelijk zal leiden tot totalitarisme. De eerste contouren hiervan zijn in sommige landen al zichtbaar. Zo stuurden 20 prominente klimaatwetenschappers in de VS eerder dit jaar een brief naar president Obama waarin zij pleitten om criminele vervolging van ontkenners van klimaatverandering mogelijk te maken. Daarom is het van groot belang om de bevoegdheden en beperkingen van de staat vast te leggen in de constitutie van ons land, waarin wij hopelijk de pionier waarna vele anderen zullen volgen.

Dit is ook nadrukkelijk een pleiten voor het vastleggen van verplichtingen op het gebied van natuur en milieu die de staat aan haar burgers na moet komen. Maar ook het tegengaan van de dreiging van het creëren van een veelkoppig monster, een Leviathan, waarbij ons gehele leven in het teken staat van ecologisme, verdient aandacht en bezorgdheid.

Binnen de gestelde kaders van een constitutie, waarbij men kan denken aan proportionaliteitscriteria voor de belasting van vervuilende producten, maar bijvoorbeeld ook het nadrukkelijker veroordelen van permanente schade aan oceanen, kunnen politieke partijen hun eigen programma en doelen ten uitvoering brengen.

Het wordt tijd dat wij allen verantwoordelijkheid gaan dragen voor het leefbaar houden van onze planeet, voor de lucht- en waterkwaliteit, voor de stijgende zeespiegel. Het is absoluut immoreel om alleen de volgende generaties hier mee te belasten. Maar laten wij dat wel doen als vrije burgers, en laten wij die vrijheid met verve beschermen, want in haar absentie is al het andere waardeloos.

-Ward Strengers

[recent_post_slider design=”design-4″]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *