Cultuuroorlog of culturele co-existentie

Nu de feestdagen in beeld komen, is er niet alleen maar gezelligheid, maar steeds vaker gaat het gepaard met harde conflicten. De zwarte pietendiscussie is nu de grootste manifestatie van deze cultuuroorlog, maar op veel andere gebieden hebben traditionalisten en progressieven elkaar tot vijand verklaard. Hierbij voelt de minderheid zich onderdrukt door de meerderheid en de meerderheid voelt zicht onderdrukt door de minderheid. Maar waar komt dit gevoel van onderdrukking vandaan? Is er een oplossing voor dit eindeloze conflict? In dit artikel wordt een derde weg voor cultuur besproken waarbij ieder zijn vrijheid behoudt.

Het begrip cultuur komt in het Van Dale woordenboek voor als ‘het geheel van geestelijke verworvenheden van een land, volk enz.’ Deze geestelijke verworvenheden zijn gemeenschappelijke gedragingen die een bepaalde groep toebehoort. De vorming hiervan is een langdurig proces tussen mensen dat vrijwillig plaatsvindt. De cultuuroorlog is echter ontstaan doordat men cultuur van bovenaf wil opleggen aan de ander. Deze dwang is het gevolg van de staat die zich mengt met culturele zaken en zo wordt een botsing gecreëerd tussen mensen met verschillende normen en waarden die allen de staat willen gebruiken om hun wil door te drukken.

In een vrije samenleving zal ieder zijn eigen normen en waarden mogen bepalen en wordt cultuur vrijwillig gevormd. Zo kunnen conservatieven vasthouden aan de tradities zoals zij die kennen en is er ruimte voor progressieven om hun eigen levensopvattingen in de praktijk te brengen. Beide groepen laten elkaar in hun waarde en de staat neemt hierbij een neutrale positie in. Het probleem zit bij het feit dat mensen morele superioriteit opeisen en voor anderen willen bepalen hoe zij moeten leven. Jezus spreekt echter de volgende woorden: “Oordeel niet en u zult niet geoordeeld worden; veroordeel niet en u zult niet veroordeeld worden; laat los en u zult losgelaten worden (Lukas 6:37).” Wanneer iemand zijn wil via de staat oplegt aan de ander, probeert de ander vaak hetzelfde terug en zo worden mensen tot vijand van elkaar. Jezus vraagt ons echter om de vrijheid van de ander te respecteren zoals jezelf ook keuzevrijheid wil hebben.

De zwarte pietendiscussie is het perfecte voorbeeld van wat er gebeurt wanneer de staat cultuur gaat bepalen. De traditionalisten willen de kleur van de piet zwart houden, terwijl links-progressieven de zwarte piet vaak als een racistische figuur zien en daarom de kleur willen veranderen. Beide groepen willen dat de staat hun visie op het feest uitvoert en de ander niets meer van zich mag laten horen, omdat zij of ‘landverraders’ of ‘racisten’ zouden zijn. Dit jaar heeft de politiek gekozen voor het onpopulaire compromis van de combinatie van zwarte piet en kleurenpieten bij de landelijke intocht van sinterklaas in Maassluis en dit besluit heeft geleid tot ergernis van zowel de voor- als tegenstanders van zwarte piet. In een vrije samenleving zouden daarentegen zowel de voorstanders als tegenstanders van zwarte piet hun eigen viering van het sinterklaasfeest kunnen hebben zodat ieder zijn eigen afweging kan maken. Er kunnen dan bijvoorbeeld twee intochten plaatsvinden, één met zwarte piet en één met kleurenpieten, en winkels en scholen kunnen hun eigen keuze maken.

In het integratiedebat laat de cultuuroorlog ook duidelijk zijn sporen na. Aan immigranten wordt grote aanpassing of assimilatie verlangd waarbij de ‘nationale normen en waarden’ moeten worden aangenomen. Dit is echter een vorm van sociale standaardisatie waarmee ook inheemse groepen worden geschaad. Zo botst een links-progressief integratieprogramma met conservatief-christelijke waarden en botst een nationaal-conservatief integratieprogramma met afwijkende religies en gedragingen. In een vrije samenleving zullen immigranten en de inheemse bevolking daarentegen volledige keuzevrijheid en godsdienstvrijheid hebben. Hiermee kan men zich controversieel gedragen zolang de ander geen geweld wordt aangedaan. Het toppunt van dwangmatige integratie was in de discussie over de boerkini. Dit jaar hadden een aantal burgemeesters in Frankrijk de boerkini verboden en in Nederland is dit debat toen ook aangewaaid. De boerkini werd gezien als gevaar voor de Westerse vrijheid, omdat uiteindelijk de vrijheid van vrouwen zou worden ingeperkt door de ‘islamisering van zwemplaatsen’. Deze angst is het gevolg van het verbinden van cultuur aan de staat. Moslims zouden dan hun normen en waarden opleggen aan de ander, maar in een vrije samenleving is zulke agressie niet toegestaan en blijft de staat op moreel gebied neutraal waardoor sharia niet kan plaatsvinden. Juist door de boerkini te verbieden, wordt vrijheid van vrouwen ingeperkt, omdat vrouwen dan niet meer over hun eigen kleding mogen beslissen net als in hun doembeeld Saoedi-Arabië. Het Westen heeft altijd al groepen gekend die conservatievere badkleding dragen zoals de mormonen en die hebben nooit de ander hiertoe gedwongen.

Tot slot is er op seksueel gebied een cultuuroorlog gaande. In het verleden hebben conservatieven hun normen en waarden opgelegd door allerlei wetten. Op dit moment zijn het echter vooral de progressieven die hun seksuele normen en waarden opleggen aan gelovigen. De staat geeft progressief seksueel onderwijs in openbare scholen, heeft genderneutrale toiletten geïntroduceerd en heeft het burgerlijk homohuwelijk ingevoerd. Deze subjectiviteit is echter nog niet het grote probleem, maar het sociaal standaardiseren van mensen vindt nu ook door dwang plaats. Zo kon de christelijke bakker ‘Sweet Cakes by Melissa’ op grond van haar geloof geen taart maken voor een homohuwelijk, maar kreeg voor dit gewetensbezwaar uiteindelijk $135000 boete van de Amerikaanse staat wegens ‘discriminatie’. Zou een joodse bakker dan ook een nazitaart moeten maken of een socialistische bakker een VVD-jubileumtaart? De dubbele standaard blijkt hieruit en daarnaast ging het niet om het weigeren van een homoseksuele persoon als zodanig, maar om het weigeren van zijn gedrag (homohuwelijk) waar mensen principiële bezwaren tegen kunnen hebben. Zo kan ook een getrouwd homostel net zo goed bezwaar hebben tegen het conservatieve christendom en hoeft daar dan ook niet verplicht aan mee te werken. In een vrije samenleving kunnen individuen hun eigen seksuele normen en waarden hebben zolang ze niemand geweld aandoen en voor scholen, winkels en bedrijven geldt hetzelfde. Vrijwilligheid biedt dan de uitkomst voor deze subjectieve kwestie.

Doordat de staat haar neutraliteit opzij zet en kant kiest, worden burgers onnodig tot vijanden van elkaar gemaakt. Wat de mensen nu tegen elkaar opzet, is niet per se de discussie over cultuur, maar de staat die met dwang normen en waarden oplegt en zo verdeeldheid zaait. Laten wij een einde maken aan deze verdeel en heers en mensen weer leidend maken in het vormen van cultuur.

– Aron Rijsdorp


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *